Tijdens de Tweede Wereldoorlog hielden de Duitsers in bezet Nederland razzia’s waarbij onverwacht groepen mensen werden opgepakt. Tijdens de oorlogsjaren was er nog geen wegverbinding met Urk. De verschillende razzia’s die gedurende de oorlog op Urk werden gehouden hadden doorgaans weinig resultaat omdat de Urkers de Duitse boten al van ver aan zagen komen.

Voorbeeld van een razzia in 1941 te Amsterdam

De eerste razzia van betekenis

De eerste razzia van betekenis vond plaats op zondagochtend 14 november 1943. Met boten naderde de Duitsers Urk in alle vroegte. Elk huis werd doorzocht. Veel Urkers hadden een Ausweis omdat zij werkzaam waren in de visserij of in de Noordoostpolder. Met een Auswies was je vrijgesteld van arbeid in Duitsland en werd je met rust gelaten. Die ochtend werden ongeveer 14 jongens opgepakt. Met de boot brachten de Duitsers de gevangenen naar Amsterdam en vandaar naar concentratiekamp Amersfoort. Na enkele weken werden de jongens weer vrijgelaten en keerden na een moeizame reis terug op Urk.

In de periode dat de jongens in Amersfoort gevangen zaten, hadden verschillende Urkers verwoede pogingen gedaan hen vrij te krijgen. Zij waren verschillende keren naar Den Haag gereisd om bij het Duits bureau voor hun vrijlating te pleiten. Achteraf bleek dat de Duitsers hadden gedacht dat zij honderden onderduikers op Urk konden oppakken op die 14e mei. Dat zij uiteindelijk een oogst van nog geen 20 man bij elkaar hadden was niet volgens verwachting.

Verraad in oktober 1944

Eind oktober kreeg Urk bezoek van de Duitse waterpolitie die op zoek was naar Gerardus Metz, Kees Koffeman, havenmeester C. Zeeman, Jan ten Napel, Chris van Beckhoven, Reier Kale en Geert Oost. Deze mannen waren door een Duits gezinde Urker verraden en werden met behulp van de op Urk ingekwartierde Duitse soldaten opgebracht. Van Beckhoven en Kale konden zich, in eerste instantie, verbergen maar werden later alsnog gearresteerd. Bij Chris van Beckhoven vonden de Duitsers bij een huiszoeking een radio die afgestemd was op Radio Oranje. De mensen in Nederland moesten in het geheim luisteren omdat de Duits bezetter het luisteren naar deze zender verboden had. De Duitsers verhoorden de 7 mannen om er achter te komen wie iets afwist van de illegale radio en meeluisterde. Dankzij pure bluf en veel vrijmoedigheid wisten zij zich erdoorheen te praatten.

Tekening van Henk Rotgans over de razzia van November 1944

De grote razzia van 18 november 1944

De razzia op 17/18 november 1944 was van een andere orde. De voorbereidingen voor deze razzia waren op de avond van 16 november al ingezet met de vordering van het gemeentehuis van Blokzijl en het inrichten van een hoofdkwartier. Op 17 november kamden zo’n 4000 Duitse soldaten de Noordoostpolder uit. De volgende dag kwamen Duitse soldaten vanaf de Lemmerdijk het dorp binnenlopen. Er ging een enorme dreiging vanuit. Alle mannen van 18 tot 45 jaar moesten zich in de Wilhelminaschool melden. Ongeveer 80 Urker mannen werden gearresteerd en in boten naar Vollenhove afgevoerd. Vandaar werden zij op transport gezet naar Duitsland waar de mannen gedwongen te werk werden gesteld. Na de oorlog keerden, op één na,  alle mannen weer heelhuids op Urk terug.

Herdenkingsplaquette als bedank aan Vollenhove door Urk