Dit is het levensverhaal van Klaas Kramer en Miena de Vries. Klaas was op Urk bekend als Klaas de Lule. Hoe hij aan die naam kwam, de verhuizing naar de Zaan en nog veel meer kunt u in dit verhaal lezen, dat overgenomen werd uit een door Klaas Kramer uit  Krommenie  gemaakt boek.

Toevoeging: Dit verhaal is opgenomen op onze website omdat deze Klaas en Miena een Joodse onderduikers-familie hielpen tijdens de oorlog.

Het verhaal is hier en daar gewijzigd om het leesbaar te houden.

Auteur: Klaas Kramer – Maart 1994
Eerder gepubliceerd in: Urker Volksleven 25e jaargang Nummer 1 April 1998

Klaas Kramer en Miena de Vries [Herkomst: K. Kramer]

De geboorte van Klaas

Klaas wordt geboren op 8 november 1880 als zoon van Klaas Kramer en Jacobje Visser. De aangifte vindt plaats door de vroedvrouw (Jannetje Hakvoort), want zijn vader is “uit oorzake van afwezigheid verhinderd in persoon de aangifte te doen”. De geboorte vindt plaats in “een huis staande in Wijk 1, nummer 100”. Hij is het tweede kind, hij had 5 zusters: Jacobje (1.8. 1878). Jannetje (25. 10. 1882), Cornelia (3. 11. 1886). Jacobje (27.3.1889) en Stijntje (17.2.1896) en twee broers : Cornelis (19. 10. 1884) en Albert (19.2. 1891). Zijn vader (Klaas van Knielis) was aanvankelijk visserman, maar werd later brandstoffenhandelaar. Zijn moeder had een winkeltje voor Urker-goed, garen, band, enz. Klaas kon omstrweks zijn tweede jaar nog maar moeilijk antwoorden op de vraag: “van wie bin jie d’r iene?” In plaats van Klaas van Knielis zei hij dan ongeveer ‘Klaas e lule”. Die naam (Klaas de lule) heeft hij op Urk altijd moeten dragen. Van zijn jeugd is (nog) niets bekend. Wel bestaat er een schoolfoto uit 1890 waar hij (als 10-jarige) op staat.

Persbericht familiereünie 4 september 1993 (Urkerland)

De geboorte van Miena

Miena de Vries werd geboren op 7 maart 1884 als dochter van Willem de Vries en Marretje Hakvoort. De geboorte vindt plaats “in een huis staande in Wijk één nummer twee en vijftig”. De geboorte-aangifte wordt door haar vader gedaan. Miena is het tweede kind, zij had 1 broer: Wouter (30.5.1879) en drie zusters: Dirkje (26.2. I8861. Willempie (23.3. 1888) en Aukje (16. 12. 189 1). Miena groeide op in een voor Urk destijds grote woning, vlak naast de pastorie (later jeugdgebouw; nu is er een makelaar gevestigd) en kwam als buurmeisje veel in de pastorie. Eerst om met de kinderen van de dominee te spelen. later als dienstmeisje. Haar vader, Willem van Wouter, was in het eerste kwart van de twintigste eeuw een vooraanstaand visser. Hij was de eerste op Urk die een motor in zijn botter liet plaatsen 1914. Tien jaar later werden zijn huis en botters door eigen familie verkocht en moest hij tot zijn dood straatarm door het leven gaan.

Kaart van Urk (1886) [Herkomst: K. Kramer]
Urk, 1914 [Herkomst: K. Kramer]

 

Miena de Vries werd geboren op 7 maart 1884 als dochter van Willem de Vries en Marretje Hakvoort. De geboorte vindt plaats “in een huis staande in Wijk één nummer twee en vijftig”. De geboorte-aangifte wordt door haar vader gedaan. Miena is het tweede kind, zij had 1 broer: Wouter (30.5.1879) en drie zusters: Dirkje (26.2. I8861. Willempie (23.3. 1888) en Aukje (16. 12. 189 1). Miena groeide op in een voor Urk destijds grote woning, vlak naast de pastorie (later jeugdgebouw; nu is er een makelaar gevestigd) en kwam als buurmeisje veel in de pastorie. Eerst om met de kinderen van de dominee te spelen. later als dienstmeisje. Haar vader, Willem van Wouter, was in het eerste kwart van de twintigste eeuw een vooraanstaand visser. Hij was de eerste op Urk die een motor in zijn botter liet plaatsen 1914. Tien jaar later werden zijn huis en botters door eigen familie verkocht en moest hij tot zijn dood straatarm door het leven gaan.

Geboorteakte van Klaas Kramer [Herkomst: K. Kramer]

Het huwelijk en de kinderen

Klaas en Miena trouwen in november 1903. Het huwelijk zal worden voltrokken op 7 november, maar door slecht weer kan Klaas niet op tijd  op Urk zijn. Het huwelijk vindt twee dagen later, op 9 november plaats. Zij krijgen dertien kinderen, 10 jongens en drie meisjes: Klaas (1904). Marretje (1906), Meindert (1908), Willem (1910), Jacobje (1911), Wouter (1912), Cornelis (1914), Albert (1915), Albert (1916), Willempje (1918), Maarten (1919), Klaas (1922) en Frans 1927). Klaas was al gauw schipper. In een lijst van schepen uit 1907 komt de botter “De Eendracht” voor (UK 232, later UK 43), met als schipper K. Kramer en eigenaar K(laas) C(ornelisz.) Kramer. Klaas was geen gelukkige visser en ging zjjn hele leven gebukt onder grote schulden. Dat hij omstreeks 1920 een Concordia-motor, in plaats van de algemeen gebruikte Kromhoutmotor in zijn schip kreeg, zal wel le maken hebben met zijn kredietwaardigheid. Er waren (voor zover bekend) maar 2 schepen met een dergelijke motor, de UK 43 en de UK 71, en beide geen rijke vissers. Dure knechten kon Klaas niet betalen. Hij moest het voornamelijk van zijn jongens hebben die pas van school waren.

Verhuizen naar ‘De Zaan’

Het was geen vetpot op Urk. In 1928 waren de besommingen van dien aard dat er enige vooruitgang viel te bespeuren. Toch werd in de loop van dat jaar besloten naar de Zaanstreek te verhuizen omdat de jongere jongens geen zin hadden in het vissen. In het voorjaar van 1928 gaan Wouter en Kees, als 15 en 14 jarige, naar Wormerveer om werk Ie zoeken. Ze trokken in bij tante Bape (Jacobje, de zuster van Klaas) en oom Maarten Bakker. De rest van het gezin volgt in het najaar. Ze gaan op 29 oktober 1928 wonen in de Weverstraat op nr. 43. Uit het bevolkingsregister blijkt dat ze zijn ingeschreven op 5 november 1928, met uitzondering van Klaas Sr. (die dan inmiddels al getrouwd is met Jannetje Romkes) en Marretje,zij werkte als dienstbode in Amsterdam en komt op 4 maart 1929 naar Wormerveer.

Schoolfoto met foto van Klaas als 10 jarige. [Herkomst: K. Kramer]

Met versleten knieën in de broek naar de kerk

Het vinden van werk viel niet mee. De crisis begon zich al te manifesteren. In de jaren na de Eerste Wereldoorlog gingen de meeste Urkers na de haring en de ansjovisteelt naar de Zaan en konden dan ieder jaar terugkomen. Toen het gezin in 1928 in Wormerveer arriveerde was daar al werkeloosheid. Voor iemand die zo uit de visserij kwam en helemaal moest overschakelen was er al heel weinig kans.
Nog een paar weken werd er vanuit IJmuiden gevist. toen werd de botter overgedragen aan Teunis Wakker, een zuiderzeevisser, die door de regering geholpen werd om over te schakelen op Noordzeevisserij. Zo kwam voor Klaas het einde van zijn loopbaan als schipper-eigenaar.

Aanvankelijk (februari 1929) kregen Meindert en Willem nog werk bij de firma Dekker, hout handel in Zaandam. Ze waren daar net goed en wel aan het werk toen er eind maart een staking uitbrak die een halfjaar duurde. Meindert en Willem kwamen zonder werk, zij waren geen lid van de vakbond, dus ook geen uitkering uit de stakingskassen. Het hele gezin moest in die tijd in ‘burgerkleren’ gestoken worden.

Er moesten fietsen  komen en wal al niet al. Wat een armoede en opeenstapeling van schulden. Onvoorstelbaar dat de kinderen met versleten knieën in de broek naar de kerk moesten. Op 7 oktober 1929 ging Meindert weer aan het werk bij firma Dekker, totdat hij na een halfjaar (definitief) werd ontslagen. Meindert vertrekt op 12 oktober 1931 weer naar Urk (adres: Hotel “Zeezicht”) en gaat varen bij W. Pasterkamp op de UK 52. Willem gaat op 15 mei 1934 naar Geldermalsen, hij is dan ‘fabrieksarbeider” van beroep. Op 12 september van dat jaar komt hij weer thuis wonen. zijn beroep is dan koopman.

Miena de Vries Vries de Miena Wdr (1884-1949) [Herkomst: K. Kramer]
Geboorteakte Miena de Vries [Herkomst: K. Kramer]

Jacobje vertrekt naar Nieuw-Amsterdam op 18 februari 1935, in maart 1937 gevolgd door Klaas Jr. die naar drie maanden als bakkersleerling blijft. Kees vertrekt in 1942 naar Enkhuizen. Ook in Wormerveer is er als viskoopman niet veel te verdienen. Doordat de prijzen van de huizen snel kelderen, was de hypotheek niet meer in verhouding met de waarde van het huis. Als in 1932 de rente en aflossing niet meer betaald kan worden en het ernaar uitziet dat ze op straat zullen komen te staan, vraagt Miena aan een goede bekende (Biersteker, de groenteboer) financiële hulp. Hij zegt dat hij haar geen geld kan lenen en/of geven. omdat hij dat niet heeft. Wel belooft hij na te gaan wat hij kan doen. Omdat hij een eigen zaak bezit. is hij kredietwaardig en kan op grond daarvan geld lenen om het huis te kopen. Miena heeft nooit begrepen hoe het mogelijk is dat je ’s morgens zegt geen cent te hebben en ’s avonds over voldoende geld beschikt om het huis te kopen.

Klaas en Miena met hun vijf kinderen (ca 1911): Klaas, Marretje, Meindert, Wíllem en Jacobje.

Ze heeft het de ‘redder’ altijd kwalijk genomen. De verkoop van het huis ging door en daarna werd er huur betaald aan de nieuwe eigenaar. Klaas scharrelde of ploeterde wat met zijn vishandeltje, Miena handel de in koffie en thee enz. . maar de grootste klant was het eigen gezin.
Wat werd er een vis gegeten. Als de kinderen zeiden: “Vader die vis is toch goed, daar kunt U morgen weer mee venten”, zei hij prompt: “Zoveel te beter dat de vis nog goed is, maar als jullie ze niet opeten, gooi ik ze in de sloot”.

Vier generaties Kramer  [Herkomst: K. Kramer]    Foto: Weeverstraat 43 [Herkomst: K. Kramer]

In 1938 zijn Klaas en Miena 35 jaar getrouwd. Ter gelegenheid daarvan schrijft ds. R.J. Aalbers, de emeritus predikant van de Gereformeerde Kerk te Wormerveer een gedicht. . Hieronder de eerste twee verzen uit dat gedicht:

Bruidspaar zouden wij niet blijde
Zouden wij niet dankbaar zijn?
Nu ons God een feest bereídde
Feest voor allen -groot en klein
Feest van vijf en dertig jaren
Ouders! op uw huwelljkspad!
Lof zij God, díe u wou sparen
Voor uzelf en kíndren-schat

Hoeveel andren zijn hun leven
Eens begonnen met u samen
Maar reeds lang staat daar geschreven
Op een grafzerk droef hun naamen
Bloedverwanten of ook vrinden
Stierven ín des levens kracht
Of de zee kwam hen verslinden
Ach, soms nooit meer thuisgebracht

Gezin Klaas Kramer en Miena de Vries 1938  [Herkomst: K. Kramer]
Kramer Klaas (1880-1959) [Herkomst: K. Kramer]

De oorlogsjaren

De oorlog bracht veel moeite in het gezin. Miena kreeg al gauw een aantal zgn ‘stille beroertes’, waardoor ze de koffie naast het kopje goot en de was niet meer aan de lijn kon krijgen. Als gevolg van de arbeidsinzet en verplichte tewerkstelling in Duitsland moesten een aantal kinderen onderduiken.

Ondanks alle moeite die Klaas en Miena hebben bieden ze ook, meer dan twee jaar, onderdak  aan een Joods gezin.  Het is het gezin van Moppes uit Amsterdam.

Vader Louis (Lou) van Moppes geboren 25-02-1908 Amsterdam, overleden 24-10-1966,

zoon van Samson van Moppen en Reijtje Meijer (beiden overleden 7-5-1943 Sobibor)

Zijn vrouw  is Frederika (Fré) Hekster, geboren 29-04-1910 Amsterdam, overleden 14-10-1965 Amsterdam, zij was een dochter van Soesman Hekster en Esther de Vries (beidden overleden 11-06-1943 in Sobibor)

Hun dochter Rene is geboren op 25 maart 1936(?) in Amsterdam en gehuwd met prof. drs Jacob Bernard Polak (zoon van Jacob Meijer Polak (ovl. 3-03-1944 Auschwitz) en Reina-Reine Sophia Samuels (ovl. 22-10-1943 Auschwitz)

‘Tante” Fré en haar dochter Rene waren in 1943 bij een zoon van Klaas en Miena (Albert Sr. getrouwd met Cornelia Frankfort) in huis en zij was daar kraamverzorgster tijdens de geboorte van één van de kinderen.

Rene Moppes met de twee kleinkinderen van Klaas Kramer.

De Joodse onderduikers overleven de oorlog. Het contact zal blijven tussen de families. Lou en Fre komen altijd op de verjaardag van Klaas Kramer, totdat hij overlijdt. Het contact verwaterd langzaam maar zeker. In 2010 wordt via internet weer contact met René gekregen.

Als dank voor de hulp die zij hebben gekregen laat Rene van  Moppes een boom planten voor Corrie Frankfort in Israël.

Stukje uit een rapport over Klaas Kramer in 1946
Hierin wordt ook het onderduiken van de Joodse mensen genoemd.

Ambassadeur van de familie

Miena was al vroeg een invalide vrouw en stierf in 1949 op 64-jarige leeftijd. Klaas reisde nog een aantal jaren als ambassadeur van de familie het hele land door om zo in ieder gezin een aantal weken te zijn. Hij overleed op 28 april 1959 op 78-jarige leeftijd.